Vistips

ALGEMENE TIPS:

  • Maak een lijst van je mee te nemen visspullen voor een viswedstrijd. Hiermee zorg je ervoor dat je niets vergeet.
    Niets is zo lastig als te merken dat bepaalde spullen nog thuis liggen.

 

  • Uitpeilen van je visplaats moet zeer nauwkeurig gebeuren, peil op meerdere plaatsen uit. Het puntje van de dobber moet

juist uit het water te zien zijn. Indien goed uitgepeild en je verwacht brasem dan is het vaak noodzakelijk om tenminste
een centimeter of 10 maar liever nog ruim 25 centimeter op de grond te gaan vissen.

  • Ga je oefenen op een bepaald viswater probeer dan zoveel mogelijk uit. Dan heb je er de tijd voor. Tijdens een viswedstrijd

is er te weinig tijd om iets uit te proberen.

  • Maak na iedere visdag je hengelspullen goed schoon, en doe een beetje vaseline op het insteek/oversteek gedeelte van de

hengel. Bij regen merk je eerst goed wat het betekent om een hengel niet uit elkaar te krijgen.

  • Vergeet nooit je vergunning of vergunningen. Zonder vergunning ben je zwartvisser en bij de wet strafbaar.
  • Bij opkomend onweer snel de zaken inpakken en weg wezen. Vele hengels zijn gemaakt uit carbon, een zeer goede geleider

voor bliksem. Op de meeste hengels staat een tekentje met de bliksem erop. Dit staat er niet voor niets.

  • Laat nooit rommel, vissnoer, blikjes en andere dingen achter aan de waterkant. Vogels kunnen in het oude vissnoer blijven

hangen en zich verwonden. Denk dus hieraan!

  • Vissen is meer dan de hengels uitladen en gaan vissen. Een goede visser leert telkens weer bij.

 

DE DOBBER:

  • Een belangrijk attribuut op de lijn is de dobber. De dobber dient ten eerste om de beet te verklikken, en ten tweede om een indicatie te geven van de omstandigheden, staat er veel stroom, is er onderstroming aanwezig.
    Er zijn nogal wat verschillende dobbers, maar ze zijn onder te brengen in twee groepen: stilstaand/traag stromend water en stromend water.

 

 

Dobbers voor stilstaand en traag stromend water.

Voor stilstaand water zijn de lange slanke dobbers uitermate geschikt. Dus lange slanke pennen gebruiken bij weinig tot geen stroom, zijn werken dat veruit het best. Een pen voor traag stromend water is de dobber met een drijflichaam in de vorm van een waterdruppel of een peervorm met een lange, metalen- of kunststofpen en een bovenantenne van kunststof. De onderstaande tabel kan als handvat worden gebruikt. Hoe minder de stroming is, hoe slanker een dobber en langer het drijflichaam kan zijn.
Dit doe je omdat je met ene grotere druk te maken hebt die een te lichte dobber scheef doet staan.

Water diepte Drijfvermogen
tot 1 meter 0,25 tot 0,50 gram
van 1 tot 2 meter 0,50 tot 0,75 gram
van 2 tot 3 meter 0,75 tot 1,50 gram
van 3 tot 5 meter 1,50 tot 2,00 gram